Arabisch 1

De eerste stap bestaat uiteraard in het aanleren van het Arabisch alfabet, dat u leert lezen, schrijven en correct uitspreken.
De eigenlijke taalverwerving gebeurt zoveel mogelijk functioneel-communicatief: zo leer je in het eerste jaar o.m.

  • jezelf voorstellen in het Arabisch (naam, woonplaats, beroep, leeftijd, nationaliteit, …);
  • je leert er een en ander om je uit de slag te trekken mocht je op reis gaan naar de Arabische wereld (bv. de weg vragen en deze uitleg begrijpen, een menukaart lezen en bestellen op restaurant);
  • je leert spreken over het weer, tijdsaanduidingen gebruiken (seizoenen, dagen, maanden, …) en klachten over de gezondheid verwoorden, zodat je in staat bent een afspraak met een arts te maken of medicijnen te kopen.

Bij dit alles zijn grammatica en woordenschat geen doel op zichzelf, maar worden ze steeds in een functioneel perspectief aangereikt: het gaat erom wat je nodig hebt om je uit de slag te kunnen trekken en bepaalde taalhandelingen te kunnen verrichten.

Tenslotte wordt ook aandacht besteed aan aspecten van de Arabische maatschappij en cultuur in de brede zin van het woord: feestdagen, gewoontes en gebruiken e.d.